welkom op de website van Diëtistenpraktijk Renate de Schaap
Bedenk dat de diëtist niet zo streng
is als u denkt!
Voor een individueel voedings- en dieetadvies
aan kinderen en volwassenen
Anti-oxidanten,
wat zijn dat nu precies
Anti-oxidanten in voeding worden in verband
gebracht met het voorkómen van bepaalde vormen van kanker en hart- en
vaatziekten. Groenten, fruit en granen zijn belangrijke bronnen van anti-oxidanten.
Van een hoge consumptie blijkt een beschermende werking uit te gaan.
Er zijn verschillende stoffen die van nature in de voeding voorkomen die
werken als anti-oxidant. De belangrijkste zijn bèta-caroteen, vitamine
C, vitamine E en selenium.
Ze beschermen weefsels tegen oxidatieve schade door vrije radicalen weg
te vangen, waardoor ze geen schade meer kunnen toebrengen.
Vooral DNA, eiwitten en de onverzadigde
vetzuren in de celwanden zijn gevoelig voor aantasting door vrije
radicalen. Van een hoge anti-oxidant inneming via de voeding lijkt zowel
voor hart- en vaatziekten als voor bepaalde soorten kanker
(vooral van ademhalingswegen en maag-darmkanaal), een beschermende werking
uit te gaan.
Anti-oxidanten komen in veel voedingsmiddelen voor. Variatie is daarom
belangrijk.
Anti-oxidanten kunnen als volgt worden ingegedeeld:
. komen van nature in voeding voor
. door de voedingsmiddelen industrie aan producten toegevoegd, onder andere
om het bederf van voedsel tegen te gaan
. als voedingssupplement
Groente en fruit zijn de belangrijkste
bronnen van bèta-caroteen en vitamine C. Vandaar
het belang van het dagelijks eten van een ruime portie van deze voedingsmiddelen.
De aanbeveling is tenminste 200 gram groente
en 200 gram fruit (2 stuks fruit; ook vruchtensap).
Vitamine C zit o.a. in kiwi, citrusvruchten, bloemkool en paprika. Bèta-caroteen
zit o.a. in spinazie, wortelen, boerenkool en gedroogde abrikozen. Bèta-caroteen
is een veel gebruikte kleurstof in de levensmiddelenindustrie. Het wordt
onder andere toegevoegd aan halvarine en margarine.
De belangrijkste bronnen van vitamine E zijn
plantaardige oliën, noten, zaden, blad groenten
en volkorenproducten. Vitamine E wordt ook als additief gebruikt om bijv.
het ranzig worden van margarine tegen te gaan. Selenium
komt voor in zeevis, vlees en dierlijke organen. Andere belangrijke anti-oxidanten
zijn flavonoïden, fenolen en glucosinolaten. Flavonoïden zijn vitamine-
achtige stoffen die voorkomen in groente, fruit, rode wijn, thee en koffie.
Fenolen komen voor in het looizuur van thee en remmen de vorming van carcinogenen.
Glucosinolaten komen rijkelijk voor in broccoli en spruitjes.
Het bevorderen van een evenwichtige voeding, rijk aan groenten, fruit en
graanproducten, lijkt naast andere belangrijke leefregels zoals het stoppen
met roken, lichaamsbeweging en een zo klein mogelijke blootstelling aan
UV- en röntgenstraling, van groot belang bij de verkleining van de
kans op kanker en hart- en vaatziekten.